De glans van Uwe oogen is gedoofd. Gij buigt in opperst lijden 't heilig hoofd. De armen, die Gij teeder hadt gestrekt, zijn wreed gespalkt en gruwlijk uitgerekt.De handen, die Gij zeegnend hadt gebeurd, zijn fel doorspijkerd en met bloed besmeurd. Uw hart, dat schreide ...