KOHLBRUGGE
XII. DE KERK. (19)
Allen, die God geroepen, gerechtvaardigd en geheiligd heeft, vereenigt Hij in Zijn gemeente, die ook Kerk heet. Het woord Kerk moet afgeleid worden van kyfiake = den Heere toebehoorend. „Wij gelooven niet aan of in een Kerk, maar wij gelooven, wat de K ...
KOHLBRUGGE
XII.
VIII. Over de volharding en de uitverkiezing.
De trouw Gods voert ons tot het leerstuk der volharding. Zij is een voortdurende inwerking van den Heiligen Geest, die midden in alle aanvechting en nood der geloovigen het ware geloof aan Gods trouw schept, die Hij in Zijn woord ...
KOHLBRUGGE
X.
„Het wachten op den Heere of de hoop, is de andere zijde van het geloof, zoodat, als het geloof als 't ware verdwenen is, de hoop opleeft. Geloof, hoop, liefde, deze drie reiken elkaar steeds de hand en ondersteunen elkaar wederkeerig". (20 Predicaties, gehouden in 18 ...