Kerstmis.
Geen Eden vondt Ge op aarde, een tranendal, o Christus, Wien de Heemlen toebehooren. 't Heelal verstomt: zijn Koning wordt geboren als menschenkind in Bethlems beestenstallMessias, ja, om onzen helleval gaaft Gij U in dien Hemelval verloren, 't Heelal aanbidt en met der Englen koren paart ...
Psalm LXXIX.
o God, de heidenen zijn gekomen; reeds keerden zij Uw Eigendom, Uw stad. Uw Tempel, ingenomen, tot rookende ruïnen om. Men strekt de lijken Uwer knechten voor 't krijschend roofgevogelte uit en werpt het vleesch van Uw gerechten het vraatziek roofdier tot een buit.Als water wordt hun bloed ...
Gebedsworsteling in donkere dagen.
Ach, versmachtend naar genade, dorst, o God, mijn lijdend hart! Vader, slaat Gij dan niet gade al mijn tranen, al mijn smart? Levensbron, zou van Uw stroomen mij geen teug ten goede komen? Schenk mij toch, Alzegenaar, slechts één drup, één druppel maar!Vader, Vader, ach, slechts éénen drup ...
Geduld.
Een hart, o God, in leed en kruis geduldig, dat ben ik U en mijn verlossing schuldig. Laat mij dien plicht, zoo vaak verzuimd te heeten, toch niet vergeten! Ben ik niet stof gelijk mijn vaadren allen, van U, o God, misdadig afgevallen? Doe ik te veel als ik mijns levens plage ootmoedig drage? Hoe ...
Soli Deo gloria!
Wij leggen hier voor 's Heeren oog ineen de trouwe handen: 't is plicht, die aller hart bewoog, en aller hart doet branden, want, wat in ons ten strijde wekt, 't is God, Die 't zelf ons heeft ontdekt. Den Heere alleen zij de eere!Ons schild is 's Heeren Majesteit, hoe zwaar de kamp ook wor ...
Gabbatha.
Mijn Heiland, ach, wat was Uw lijden wreed! Daar staat Gij dan, 't onschuldig Bloed, verraden; de Zone Gods met smaad en hoon beladen, als zondaarr, Gij, die nimmer zonde deedt!Daar staat Uw volk, dat van geen deernis weet. Niets dan Uw bloed kan al den nijd verzaden van wie, verhard, dat ...
Dichter bij 'U!
Dichter bij U, o Heer', dichter bij U; drukt ook het kruis mij neer, 't heft mij tot U; dichter door elk verdriet zing ik mijn jubellied, dichter bij U.Strekt mij, den moeden man, zwervend alleen, waar ik op rusten kan niets dan een steen, dichter, al droomend, kom ik bij Uw Heiligdom, dic ...