Augustinus en de Kerkelijke Tucht
Dr. Weyland promoveerde in november '65 aan de theologische hogeschool te Kampen. Promotor was Prof. Polman, een Augustinus-kenner bij uitstek.In de inleidende oriëntatie schrijft Dr. Weyland, dat hem een tweeledig doel voor ogen staat. In de eerste plaats wil hij de vraag onderzoeken: Was ...
Augustinus (1)
De tijd, waarin Augustinus leefde heeft veel gemeenschappelijk met onze tijd. Dat is één van de redenen, waarom het zo boeiend is met Augustinus bezig te zijn. In dit eerste van de drie artikelen willen we vooral stilstaan bij de tijdsomstandigheden, waarmee Augustinus in zijn jeugdjaren te doen ...
Augustinus (2)
Genadetijd
Monnica maande haar zoon om toch een wettig huwelijk aan te gaan. Hij zond zijn concubine terug naar Afrika, zij het met een bloedend hart. 'Mijn wonde, die door deze scheiding was geslagen, genas niet, maar na het heftigste gloeien en de hevigste pijn begon z ...
Augustinus (3)
Diensttijd
Nu de genadetijd in het leven van Augustinus is aangebroken en het licht van Christus de nacht van de zonde verdrijft, kan hij niet langer in dienst van de welsprekendheid. Hij besluit 'de dienst van zijn tong aan de markt der woordenrijkheid te onttrekken' (C ...
Onrustig is ons hart
Deze bekende uitdrukking is te vinden in de eerste alinea van Augustinus’ Belijdenissen (in het Latijn Confessiones). De hele zin waarin de uitspraak staat luidt: ‘Gij (God) zet hem (de mens) aan om er vreugde in te vinden U te loven, want Gij hebt ons gemaakt naar U, en rusteloos blijft ons har ...