Filteren
Relevantie
Relevantie aflopendPublicatiedatum
Publicatiedatum oplopend Publicatiedatum aflopendAantal woorden
Aantal woorden oplopend Aantal woorden aflopendPaginanummer
Paginanummer oplopend Paginanummer aflopendNATUUR EN GENADE
IX.
Uit de omschrijving van het begrip natuur, zooals we die gaven in aansluiting aan de definitie van Bavinck, leide men niet af, alsof nu ook de beteekenis van natuurlijk en bovennatuurlijk vaststond. Vooral het woord natuurlijk wordt in onderscheiden beteekenissen geb ...
NATUUR EN GENADE
X.
Om een goed inzicht te ontvangen in velerlei, dat met het vraagstuk van natuur en genade samenhangt, is het gewenscht even na te gaan, hoe de Roomsche theologie de begrippen natuur en genade verstaat.
Reeds bij de schepping van den mensch maakt men onderscheid tus ...
NATUUR EN GENADE
XI.
Wie het onderscheid tusschen natuur en genade, zooals dat in de Roomsche theologie gemaakt wordt, goed in het oog vat, begrijpt, dat men daar over natuur en genade kan spreken als over twee grootheden, die, al liggen zij niet in hetzelfde vlak, toch wel gezien kunnen ...
NATUUR EN GENADE
XII.
Wie, gelijk in de Roomsche Kerk geschiedt, de genade beschouwt als een geschapen iets, kan haar naast de natuur plaatsen en spreken van natuur en genade, wijl ook de natuur ons spreekt van wat geschapen is. De genade moge dan van hooger orde zijn dan de natuur, maar ...
NATUUR EN GENADE
XIII.
De genade als verlossende kracht Gods in Christus Jezus schept naast of in de eens van God geschapen wereld niet een nieuwe wereld, met andere en meerdere schepselen dan de eerste. Zij schept ook naast den mensch, die eens van God geschapen werd, niet een nieuwen m ...
NATUUR EN GENADE
XIV.
Tot ons onderwerp behooren m. i. niet de kwesties, die samenhangen met de openbaring Gods, welke volgens onze geloofsbelijdenis tot ons komt door natuur en Schriftuur.
Immers het gaat daar om twee middelen, door welke God de Heere zich zelf aan ons openbaren wil ...
NATUUR EN GENADE
XVI.
Gods genade, als verlossende kracht in Christus Jezus in deze wereld doorbrekende, verwekt niet alleen een volk, dat zich aan den dienst van God en daarmede ook aan de wet van God verbonden gevoelt, zoodat het in Gods inzettingen wandelen gaat, maar dat tevens ieder ...
NATUUR EN GENADE
XVII.
De souvereiniteit in eigen kring doet aan de souvereiniteit Gods niet te kort.
De souvereiniteit in eigen kring bedoelt de verschillende levenskringen niet los te maken van de goddelijke wet, maar maakt deze alleen zelfstandig ten opzichte van hun onderlinge ve ...
NATUUR EN GENADE
XV.
Het onderscheid tusschen algemeene en bizondere openbaring, de eene tot ons komend door de natuur en de werken van Gods handen, de andere tot ons sprekend door de Schrift en het Woord des evangelies, mag niet leiden tot een tegenstelling of nevenschikking van natuur ...
NATUUR EN GENADE
XVIII. (Slot).
Als iedere levenskring van God, een eigen structuur heeft ontvangen en een eigen bestemming en daardoor souverein is in eigen kring, zoodat wat in den éénen levenskring geldt volstrekt niet in den anderen geldt en daarom de eene levenskring niet aan den an ...
Selectie mislukt
Het is op dit moment niet mogelijk om dit resultaat toe te voegen aan uw selectie.
Waarschuwing
Uw selectie wordt gewist. Doorgaan?