De belijdenissen van Augustinus
III Deze vraag is niet zo gemakkelijk te beantwoorden. Bij vrijwel ieder boekwerk is het mogelijk om na kennisname van de inhoud onmiddellijk de grote lijn van het betoog aan te geven. Hier is dat heel wat moeilijker. Ja, sommigen hebben zich zelfs afgevraagd, of e ...
De belijdenissen van Augustinus
God aanroepen doet ons God vinden en kennen, heeft Augustinus gezegd. Dan ineens valt hem in dat woord „aanroepen" echter iets op. In het latijn gebruikt men hiervoor namelijk het woord „invocare" en dat betekent letterlijk „inroepen". God aanroepen is dus zoveel als God-in-zich-roepen. Maar — zo ...
De belijdenissen van Augustinus
6 Keren wij nu terug naar de vraag met betrekking tot de oorsprong van de ziel, welke Augustinus opwierp. In paragraaf 9 komt hij er nader op terug. Het blijft echter bij vragen. Toch heeft hij het gevoel, dat hij reeds te ver is gegaan. Zo besluit hij dan ook: „Of ...
De belijdenissen van Augustinus
7 Meer dan de verstandelijke ontwikkeling van Augustinus ging aan Monica zijn geestelijke ontwikkeling ter harte. Zij beijverde zich dan ook om hem de ogen te doen openen voor de rijkdom van Gods genade en nam daarbij alle middelen te baat, die de Kerk van haar dag ...
Augustinus (3)
Diensttijd
Nu de genadetijd in het leven van Augustinus is aangebroken en het licht van Christus de nacht van de zonde verdrijft, kan hij niet langer in dienst van de welsprekendheid. Hij besluit 'de dienst van zijn tong aan de markt der woordenrijkheid te onttrekken' (C ...