Van verborgen omgang.
XXXV. Zoo heeft dus de inwonende Heilige Geest in het leven van Gods kinderen eene alles overtreffende werksaamheid, waardoor niet slechts dat leven in zijn eersten oorsprong wordt verwekt, maar ook wordt onderhouden, zoodat als het dreigt te versterven, de Heere m ...
Van verborgen omgang.
XLI. (Slot) God Drieëenig werkt de zaligheid van zijn volk. Hoe wonderbaar het ons ook toeschijnt, toch is het waarheid, dat de Heere God in al de volheid zijner majesteit en de heerlijkheid zijner goddelijke liefde optreedt en optreden moet om eenen zondaar te doe ...
Van verborgen omgang.
XXX. Zoo is dus, ondanks alles wat er uit natuurlijk oogpunt bezien tegenpleiten mag, de Heilige Geest inwonende in de harten van Gods kinderen. Juist het feit, dat zij zichzelven kennen en al de gruwelijkheid hunner zonden, waardoor zij voor Gods aangezicht vreeze ...
Van verborgen omgang.
XXXL Zoo is dus de Heilige Geest niet opgetreden in eigen Naam, maar gezonden door Vader en Zoon, opdat Hij nu het groote werk der verlossing zal voleindigen. In zijne gave ligt uitgedrukt de vrijmacht des Heeren. Hij is niet verdiend door ons, niet verkregen, maar ...
Van verborgen omgang.
XXXVI. 2oo is dus de Heilige Geest, die in Gods kinderen inwoont, altijd daar om hen te redden van de strikken des vogelvangers. Hij weet de dreigende gevaren, die uit den afgrond dezer zonde opdoemen, te bezweren door beteugelend en intoomend te werken, op al die ...
Van verborgen omgang.
XXXIV. Zoo is dus verlichting des verstands eene eerste vrucht van de inwoning des Geestes. Daarom verkrijgt Gods kind in den weg der ontdekking allereerst eene kennis van Gods heilige wet. Van te voren zag hij die uitwendig en spande hij zich in haar even uitwendi ...
Van verborgen omgang.
XXXIII De inwoning des Geestes gaat dus gepaard met de levendmaking, die de voorwaarde is voor alle geestelijke gaven. Zonder Geest is er geene levendmaking en zonder levendmaking is het niet mogelijk eenige geestelijke gave te ontvangen. De eerste daad van den inw ...
Van verborgen omgang.
XXXII. De werkzaamheden der drie Personen an het eenige, aanbiddelijke goddelijke Wezen zijn gegrond in de eigen plaats, ie zijn in de heilige Drievuldigheid inemen. Dat de Vader als de Schepper ons wordt voorgesteld en het werk der chepping dus met Hem bijzonderli ...
Van verborgen omgang.
XXXVII. Zoo deelt dus de in Gods kinderen inwonende Heiüge Geest de geestelijke gaven uit, waardoor Gods gemeente zal worden gediend en gebouwd. Alle gaven die het kindschap Gods kunnen sieren,deelt Hij toe en dat in vrij machtig welbehagen. Aan een iegelijk ...
Van verborgen omgang.
XXXVIII,Zoo is dus de inwoning des Heiligen Geestes een onderpand, waardoor Gods kind zeker is van het groots goed, dat met Christus verborgen is in God en dat eenmaal ten volle zijn eigendom zal blijken, als de dag komt, waarop het Nieuw Jeruzalem van God uit den hemel nederdalen zal. Dat ...