ALGEMENE EN BIJZONDERE ROEPING
De z.g. uitwendige roeping hebben wij teruggebracht tot de algemene eis van gehoorzaamheid aan Gods Woord. En deze algemene eis vindt haar verklaring in de schepping van de mens naar Gods beeld, wijl hij als zodanig op het Woord Gods en de gehoorzaamheid aan de wil van God is aangewezen.In ...
GEHOORZAAMHEID EN VERANTWOORDELIJKHEID
Alvorens over het Verbond, hetwelk veelal in een uitwendig en inwendig wordt onderscheiden, te handelen, nog even een kleine toepassing op het vorige.Hoe komt het, dat er zo weinig geloofskracht openbaar wordt onder ons volk. Er is belangstelling, trouwe kerkgang, men wenst een orthodoxe p ...
VERBOND
Met de naam verbond wordt door de gereformeerde theologie de verhouding aangewezen tussen God de Schepper en de mens, Zijn schepsel. Die verhouding wordt alzo voorgesteld als verbondmatig, m.a.w. zij draagt het karakter van een overeenkomst, waarbij — laat ik het maar eens wagen — zekere voorwaar ...
HET GEZAG DER BELIJDENISGESCHRIFTEN
II. In gevolge de onjuiste waardering van de belijdenis en de belijdenisgeschriften, moet ook dé erkenning van deze geschriften een geheel andere zin krijgen dan kerkelijk verantwoord is. Deze erkenning zou volgens dr. B. erkenning zijn van de belijdenisgeschriften ...
HET GEZAG DER BELIJDENISGESCHRIFTEN
Woord en Dienst van 18 Juli 1953 neemt het volgende over uit een artikel van dr. Berkhof in de Waagschaal van 12 en 19 Juni j.l. De redactie heeft het blijkbaar van groot belang geacht, al geeft zij geen commentaar , en dit doet het vermoeden opkomen, dat zij het met de strekking van dit artikel ...
HET GEZAG DER BELIJDENISGESCHRIFTEN
V. Geen juridisch gezag der belijdenisgeschriften.'t Is waar, dat de belijdenis geen wet is, en uit dit oogpunt ook geen juridisch gezag kan hebben. Dat weet trouwens iedereen. Om echter te kunnen spreken van juridisch gezag, moet er toch een zekere rechtsve ...
HET GEZAG DER BELIJDENISGESCHRIFTEN
VI. Niet notarieel. De vraag, of de gemeenschap met het belijden der vaderen nog bestaat is niet notarieel te beantwoorden.Wij vinden art. X van de kerkorde waarlijk niet zo voortreffelijk, dat wij daarvoor in het krijt zouden ...
HET GEZAG DER BELIJDENISGESCHRIFTEN
VII. Telkens opnieuw belijden.Heel erg duidelijk is men in het algemeen op dit punt niet.Het enige, wat valt op te merken, schijnt wel de verwachting, dat als de kerk opnieuw zou formuleren, wat zij gelooft...Neen, dat gaat niet ! Het zit al we ...
HET GEZAG DER BELIJDENISGESCHRIFTEN
VIII. De handhaving der belijdenis. „Nooit geheel ontkend", beweert dr. B., n.l. dat „handhaving der belijdenis" en „telkens opnieuw belijden" elkanders veronderstellingen zijn.Voorbeeld ? , , Zelfs" — let op dat zelfs — , , in de leertuchtprocessen, die zic ...
HET GEZAG DER BELIJDENISGESCHRIFTEN
IV. Wij zijn nu zover gekomen, dat de gemeenschap met de belijdenis der vaderen volgens dr. B., als wij het goed begrijpen, tamelijk relatief is. Zij betreft n.l. de hoofdsom of saamvatting der openbaring, welke iemand hoort in de belijdenis. Het is dus zeer de vra ...