De Heidelbergsche Catechismus
De vrije wil is dus de macht of het vermogen om uit eigen beweging zonder dwang een voorwerp, door het verstand ons getoond, te willen of niet te willen, te verkiezen of te verwerpen. Dit vermogen nu wordt wil of uitspraak genoemd, met het oog op het verstand, dat het voorwerp, dat gekozen of ver ...
De Heidelbergsche Catechismus
Het derde onderscheid is in verstand en wil tegelijk. Want God weet onveranderlijk alle dingen en Zijn wil is ook onveranderlijk. Bij de mensch is dat alles anders ; want evenals de kennis en het oordeel der schepselen over de dingen veranderlijk is, zoo ook hun wil ; zoodat zij weten, wat zij vr ...
De Heidelbergsche Catechismus
II. Uit welke deelen bestaat de eenige troost des Christens ?
Deze troost bestaat uit zes deelen :
1. Onze verzoening met God door en om Christus ; zoodat wij niet langer vijanden zijn, maar kinderen Gods ; niet voor eigen rekening staande, maar Christus' eigendom. „Doch gij zijt van Chri ...
De Heidelbergsche Catechismus
III. Waarom vaste troost ? is deze éénige troost ook een
Dat deze éénige troost tevens een zekere en vaste troost is, blijkt hieruit : 1. Omdat deze troost alleen bij den dood niet verdwijnt. „Want hetzij dat wij leven, hetzij dat wij sterven, wij zijn des Heeren". Rom. 14 vers 8. „Wie zal on ...
De Heidelbergsche Catechismus
naar de verklaring van ZACHARIAS URSINUS (4)
Vraag II van den Catechismus in de eerste Zondagsafdeeling luidt : „Hoevele stukken zijn II noodig te weten, opdat gij dezen troost genietende, zalig leven en sterven moogt ? "
En het antwoord luidt : Drie stukken : ten ee ...
De Heidelbergsche Catechismus
Het plan van den Catechismus is geheel gebouwd op de kennis van de drie stukken : kennis van ellende - kennis van verlossing - en kennis van dankbaarheid.
Waarom is nu de kennis der verlossing voor onzen troost noodig
De kennis van ellende is noodig om naar de verlossing te leeren verlang ...
De Heidelbergsche Catechismus
4de Vraag : „Wat eischt de Wet Gods van ons ? "
Antw. : Dit leert ons Christus, kort saamgevat in Matth. 22 : „Gij zult liefhebben den Heer uw God met geheel uw hart, met geheel uwe ziel, met geheel uw verstand en met al uwe krachten. Dit is het eerste en het groote gebod. En het tweede aan d ...
De Heidelbergsche Catechismus
DERDE ZONDAG.
Vraag 6. Heeft dan God den mensch alzoo boos en verkeerd geschapen ?
Nu deze stelling is uitgemaakt, dat de menschelijke natuur aan de zonde onderworpen is, komt de schuld-vraag. Wie is hier de schuldige ? Waar is de oorzaak, de oorsprong van deze ellen ...
De Heidelbergsche Catechismus
ZACHARIAS URSINUS (9)
Dit beeld Gods, waarnaar God den mensch geschapen heeft en, dat vóór den val als een licht in den mensch scheen, wijd z'n glans en heerlijkheid verspreidend over al het geschapene, dit zeer schoone beeld Gods, waarin de harmonie van heel de schepping lag, heeft de mensch ...
De Heidelbergsche Catechismus
Het beeld Gods in den mensch. 1. Wat is het beeld Gods ; uit welke deelen bestaat het ? 2. In hoeverre is het verloren ; wat is er nog van overig ? 3. Hoe kan het hersteld worden ? 1. Het beeld Gods in den mensch, is het verstand, dat Gods wil en werken recht kent ; de wil, die vrijwillig God geh ...