Samuël, een zoon der Wet.
14) „Maar zij hebben toch een lied gezongen over dien, dien men niet noemen mag."„Dat zal jij zeker verkeerd hebben verstaan, dat is onmogelijk."„Bij mijn moeder, de vrede zij met haar! — ik heb het toch vast en zeker gehoord !"„Dan heb je het ...
Samuël, een zoon der Wet.
19) Deze Sabbat van het jaar 5671 na de schepping der wereld, zooals de Joden berekenden, bracht aan allen een gevoel van welbehagelijkheid en rust, alsof zij hun leven opnieuw begonnen. Die dag was voor hen als een smalle pas tusschen twee werelden, het oude was v ...
Samuël, een zoon der Wet.
20)En nu wist Samuel, dat hij hier te lande volksgenooten had, die in het gewone leven de „taal van God" spraken —, maar dan zou het hier misschien toch ook wel gemakkelijker vallen om met en tot God te spreken. Hij nam zich dan ook vast voor, deze taal zoo spoedig mogelijk goed te gaan le ...
Samuël, een zoon der Wet.
24) Op die wijze schoof de kolonisatie en de bodembewerking zich langzamerhand in de richting van Ghor door de heele vlakte heen. De oppervlakte van het land was eerst eenige dagen geleden door een Duitschen landmeter, die in Turkschen dienst stond, in haar geheel ...
Samuël, een zoon der Wet.
26) Zijn paard had de Duitscher aan den eenigen boom vastgebonden, die wijd en zijd uit den dorren bodem zich verhief. Het was een krachtige Johannes-broodboom, waarvan de daar weidende geiten der Arabieren de blaren en schors vanwege den bitteren smaak hadden gesp ...
Samuël, een zoon der Wet.
27) Mandel uitte een kreet van vreugde. Hij, wist zich van blijdschap niet meer in te houden, en de menschen, die in zijn buurt stonden, hieven van schrik hun handen in de lucht. „Gelooft mijnheer, dat wij hier kunnen leven? "„Dat geloof ik niet slechts, maa ...
Samuël, een zoon der Wet.
28) Mandel stond onthutst. Hij vond het niet prettig, dat hij een buurman zou hebben, die net als hij „dood land" begeerde, en die hem al vóór was geweest.„Hij zal zich verwonderen als hij ziet, dat een kolonie hem op de hielen zit. Ha, ha ! Maar die kleine ...
Samuël, een zoon der Wet.
29) Zijn zoontje Chaim was bij hem en volgde met glinsterende oogen den handel. Lemberger moest hem tegelijkertijd een voonbeeld geven. Zijn stem sloeg over, zij werd schor en schreeuwend. Hij deed alsof het welgeschapen dier alle mogelijke ondeugden in zich vereen ...
Samuël, een zoon der Wet.
30) Mandel had zichzelf zóó beladen, dat het niet erger kon, om ook van de bagage van zijn schoonouders nog iets te kunnen dragen. Hij liep met Rea achteraan in den stoet. Daar hoorde hen niemand, en het verwekte dus ook bij niemand eenigen aanstoot, als hij de rou ...
Samuel, een zoon der Wet
Urenlang voerde de weg door een bebouwd land. Sporen van bebouwing, geheel volgens de regels, waren overal waar te nemen, al was het alleen reeds die muur van naar boven geploegde steenen, die de velden omringde. Aan den rechterkant opende zich bij tusschenpoozen een schaduwrijk zij-dal van den p ...