HET VERBOND GODS
XIV. De mensch is een redelijk-zedelijk wezen en daarom is hij een persoonlijkheid. Dit brengt ons tot een kenmerk des Verbonds, dat van groote beteekenis wordt voor alle voorafgaande beschouwingen. Het Verbond is niet alleen waarborg, dat God Zijn ordeningen en d ...
HET VERBOND GODS
XLII. Woord en belijdenis. Wij spraken over de belijdenis der kerk. Dat betreft dus de gereformeerde geloofsbelijdenis. Uit de reformatie zijn verschillende belijdenisschriften en kerkformaties opgekomen, die als ...
HET VERBOND GODS
XXXI Tot de tucht des Woords behoort in de eerste plaats kennis van het Woord. Hoe zal men naar en uit Gods Woord leven, als men het niet kent? God wil, dat Zijn Woord wordt gehoord en gehoorzaamd. Predikt het Evangelie aan alle creaturen, en dan volgt: leerende h ...
HET VERBOND GODS
XXXIII En het tweede gebod aan dit gelijk is : Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. Als uzelf. Daar is voor een mensch niets zoo na als het zelf. Eigenlijk is 't woordje na nog te zeer verwijderd. Want het ik is het persoonlijke zelf. Vandaar dat een mensch ge ...
HET VERBOND GODS
XXX De tucht des Woords. Onderwerping aan de tucht des Woords is maar niet een uitwendige zaak, alsof het een opgelegde wet gold. De vreeze Gods brengt zulk een gehoorzaamheid mede, en ofschoon de allerheiligste in dit leven nog slech ...
HET VERBOND GODS
XXXIV De tucht des Woords. Wanneer wij bij het gebod des Heeren worden bepaald, merken wij tweeërlei gehoorzaamheid op. Het kan zoo zijn, dat wij door opvoeding en een onderworpenheid om des gewetens wil het gezag van de wet erkennen, ...
HET VERBOND GODS
XXXV De tucht des Woords. Wij hebben gesproken over de slaafsche gehoorzaamheid en over de liefde, die de vervulling der Wet is. Bij de geboden komt dat zoo heel duidelijk uit. Daarom hebben wij eerst op het gebod gewezen. ...
HET VERBOND GODS
XIX. Met nadruk werd erop gewezen, dat zij, die zich bij de kerk voegen, zich aan haar belijdenis en orde onderwerpen. Misschien zal iemand opmerken, dat dit van zelf spreekt. Wie zich aansluit bij eenige vereeniging van menschen, neemt kennis van de statuten en i ...
HET VERBOND GODS
XX. Verbond, belofte, verkiezing, persoonlijkheid. Na op het bijzonder karakter der kerk gewezen te hebben, gaan wij nog eens terug naar het Verbond Gods, waarin ook de kerk naar het welbehagen Gods begrepen is en wel op een onderscheidene wijze. In haar wo ...
HET VERBOND GODS
VIII.
Nu blijft de mensch ook na zijn val een zedelijk wezen en God blijft hem behandelen als zoodanig. Ook de groei of ontwikkeling van den mensch gaat door, ondanks de zonde, zoodat hij een geschiedenis doormaakt. Ware nu de dood ten einde toe doorgegaan, zoo zou het m ...