De roeping tot predikant (2)
II. Grenzen
In een eerder artikel gaven wij een overzicht van wat er zoal tot het ambt kan voeren. Geen wonder, dat er nu ook plaats komt voor de vraag, of er ook motieven zijn, die ons er toe leiden kunnen een ambt niet te aanvaarden, eventueel te verlaten of de voorber ...
De roeping tot predikant (1)
I. Kenmerken
Men is er wel over eens, dat het ambt van predikant, waaraan zeer, zeer hoge eisen worden gesteld, alleen kan worden aanvaard na een ernstige roeping. Bij dit woord denken wij niet aan een bepaald beroep naar de een of andere gemeente. Allerminst – wij bedoe ...
De roeping tot het ambt (6)
Wij willen deze artikelenreeks met de beantwoording van twee vragen gaan besluiten. Vragen van pastorale aard, die ook pastoraal beantwoord moeten worden. De eerste vraag is: óf men tot een ambt voor heel het leven geroepen wordt óf slechts voor een bepaalde periode? De tweede vraag luidt: moet e ...
De roeping tot het ambt (5)
In een vorig artikel schreven wij, dat de inwendige roeping tot het ambt niet altijd met bijzondere openbaringen gepaard gaat. Integendeel zelfs: dit komt maar heel zelden voor, zoals aangetoond is. Wat dat betreft was ook een man als Wilhelmus a Brakel nuchter. In zijn 'Redelijke Godsdiensten' s ...
De roeping tot het ambt (4)
Na in de voorgaande artikelen met eikaar te liebben nagedacht over de uitwendige roeping en verkiezing tot het ambt door de kerk, zo willen wij nu onze gedachten laten gaan over de inwendige roeping. Over deze verborgen of inwendige roeping tot het ambt is Calvijn erg kort. In boek 4, hoofdstuk 3 ...
De roeping tot het ambt (3)
In het slot van ons vorig artikel hebben wij gesteld, dat wie lust heeft in een opzienersambt een voortreffelijk ambt begeert. Men mag daarnaar ook van harte verlangen, mits men dat dan maar doet om Gods wil, tot Zijn eer en uit liefde tot de gemeente Gods. Geen bijbedoelingen van welke aard ook ...
De roeping tot het ambt (1)
'Geen koninkrijk, , republiek, huis of maatschappij kan bestaan zonder orde; zo ook niet de kerk. God is een God van orde, en wil dat alle dingen eerlijk en met orde geschieden.' Deze woorden heeft Wilh. a Brakel geschreven aan het begin van hoofdstuk XXVII van zijn 'Redelijke Godsdienst', waarin ...
De roeping
4 Nu nog onze belijdenisgeschriften. Hoe summier ook de gegevens in de Ned! Geloofsbelijdenis zijn, zij ademen geheel de geest van Calvijn. In art. 24 lezen wij dat het ware geloof is door het horen van het Woord en de werking van de Heilige Geest. Een twee-eenheid ...
De roeping
3 Wij komen tot Calvijn. In zijn Institutie spreekt hij het meest uitvoerig over de roeping in boek III.24.8. Wij moeten vasthouden, zegt Calvijn daar, dat er een tweevoudige roeping is, vocatio duplex. En dan onderscheidt hij eerst een vocatio universalis, een alg ...
De roeping tot het ambt
(3) De algehele tijdsbesteding brengt met zich dat de dienaar des Woords het offer van zijn leven moet brengen. Het is niet kwaad, als eén dienaar Gods in zijn arbeid mag hénengaan! Als de vrouw van een dienaar Gods en de kinderen de man en vader altijd bezig zien, ...